Fidas Law Menu

Rechtbank verklaart strafvordering niet ontvankelijk wegens schending recht op eerlijk procesby Fidas Law

21 november 2025

De rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge oordeelde bij vonnis van 21 november 2025 dat de strafvordering tegen een beklaagde niet ontvankelijk is.

De beklaagde diende zich ingevolge een gerechtelijk onderzoek te verantwoorden voor feiten van mensensmokkel.

De correctionele rechtbank diende immers vast te stellen dat de beklaagde geen eerlijk proces heeft gehad, daar de beklaagde herhaaldelijk niet werd overgebracht naar de zittingen vanuit de gevangenis van Haren :

  • Voor de eerste zitting op 7 mei 2025 werd de beklaagde niet uit de gevangenis gebracht.
  • De zaak werd uitgesteld naar 1 oktober 2025, met de uitdrukkelijke vraag dat hij dan zeker aanwezig zou zijn. Ook dan werd hij niet overgebracht.
  • De zaak werd opnieuw uitgesteld naar 5 november 2025, opnieuw met de duidelijke opdracht om hem te laten overbrengen. Op die dag bleef hij nogmaals afwezig.

De beklaagde had nochtans telkens laten weten dat hij zelf op de zitting wilde verschijnen.

Waarom een schending van het recht op een eerlijk proces?

Iedere beklaagde heeft het recht om zijn eigen proces bij te wonen, zich te verdedigen en met zijn raadsman te kunnen overleggen. Dat is een essentieel onderdeel van een eerlijk proces. Dat recht blijft gelden, zelfs al heeft de beklaagde een raadsman die hem zou kunnen vertegenwoordigen.

Wanneer iemand in de gevangenis verblijft, de taal van de procedure niet machtig is en bovendien meermaals niet wordt overgebracht terwijl hij dat wel wenst, kan er de correctionele rechtbank te Brugge geen sprake meer zijn van een eerlijk proces.

Waarom werd de zaak niet nogmaals uitgesteld?

Op grond van artikel 6.1 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) heeft de beklaagde recht op een behandeling van zijn zaak binnen een redelijke termijn, temeer de beklaagde zich nog in voorlopige hechtenis bevond. Een bijkomend uitstel zou dat recht verder onder druk zetten, en het was thans onzeker of de beklaagde bij een volgende zitting wél aanwezig zou kunnen zijn.

Wat betekent de onontvankelijkheid van de strafvordering?

De rechtbank heeft in deze zaak beslist dat de strafvordering niet-ontvankelijk is nu de beklaagde tot drie keer toe niet werd overgebracht, ondanks duidelijke en herhaalde verzoeken.

 De onontvankelijkheid van de strafvordering betekent geenszins dat de beklaagde vrijgesproken werd, doch enkel dat de strafzaak niet inhoudelijk wordt behandeld, en er aldus geen uitspraak wordt gedaan over de schuldvraag. 

Wat is het belang van deze uitspraak?

Het vonnis onderstreept hoe essentieel het is dat gedetineerden de rechtszittingen kunnen bijwonen. Dit is geen detail, maar een fundamenteel onderdeel van een eerlijk proces. Wanneer een beklaagde niet wordt vervoerd, kan hij zijn rechten niet uitoefenen: hij kan zich niet verdedigen, geen uitleg geven, niet met zijn raadsman overleggen en de behandeling van zijn dossier niet volgen. De rechtbank maakt in dit vonnis duidelijk dat zulke tekortkomingen ernstige gevolgen hebben, tot zelfs het niet-ontvankelijk verklaren van de strafvordering.

Daarmee gaat van deze beslissing een breder signaal uit. Het toont opnieuw aan dat de huidige problemen rond de overbrenging van gedetineerden het gevolg zijn van een structureel tekort aan personeel en middelen binnen de gevangenisdiensten. Wanneer dat tekort ertoe leidt dat beklaagden niet kunnen verschijnen op hun eigen proces, komt de werking van de rechtsstaat onder druk te staan.

Vragen of bijstand nodig bij een procedure voor de Correctionele Rechtbank ? Neem vandaag nog contact op met FIDAS LAW. Ons team strafrecht-advocaten staat voor u klaar.

Lees meer op: https://www.rechtbanken-tribunaux.be/nl/rechtbank-eerste-aanleg-west-vlaanderen-afdeling-brugge/news/4032